Arya Samaj
De Arya Samaj is een hindoeïstische organisatie, die in 1875 te Bombay, India werd opgericht door volgelingen van Swami Dayananda (volledig: Dayananda Saraswati (1823-1883)).
Inhoud |
Oorsprong
Swami Dayananda verkondigde dat een gedeelte van de Veda's onfeilbare universele filosofische hymnen zijn. De Arya Samaj (= vereniging van nobelen) veroordeelt verschillende aspecten uit het hindoeïsme: avatara's, voorouderverering, beeldenverering, pelgrimages en het offeren in tempels, omdat die volgens Swami Dayananda nergens in de Veda's worden gesanctioneerd. De Arya Samaji's aanvaarden echter slechts een selectie van de Vedische hymnen. De Taittariya, de Kanva en andere gedeeltes van de Veda's worden in de Arya Samaj niet geaccepteerd.
Om de autoriteit van zijn beweging en het ideaal van het celibaat en het monnikschap als missie over de gehele wereld uit te dragen richtten de volgelingen van Swami Dayananda met de goedkeuring van hun leermeester de Arya Samaj op. In de loop der tijd kreeg de Arya Samaj ook afdelingen buiten India.
De Arya Samaj was aan het van de 19de eeuw een van de organisaties die de aanzet gaf tot de onafhankelijkheidsbeweging van India. Daardoor werd de beweging door de Britten vervolgd en na de aanslag op de vice-roi, de Britse gouverneur-generaal van India, in 1910 werd een aantal leiders uit India verbannen.
Doelstelling
Uit angst dat het christendom zou zegevieren in India, heeft Swami Dayananda geprobeerd het hindoeïsme te hervormen en de structuur te geven van het protestantse christendom en de islam. In de Arya Samaj zijn verschillende elementen uit deze twee religies terug te vinden. Zo kent de vereniging een heilig boek, een geloofsbelijdenis en een soort van Tien Geboden. Verder kiest de beweging voor een duidelijk monotheïstische visie op God.
De Brahmo Samaj, een andere hindoeïstische hervormingsbeweging uit de 19de eeuw, die anders dan de Arya Samaj ook inhoudelijk sterk beïnvloed is door het christendom, heeft eveneens veel invloed gehad op de ideeën van Swami Dayananda.
Doctrines
De doctrines van de Arya Samaj bestaan uit de Tien Principes:
- God is de primaire oorzaak van alle wetenschappen en alles dat we via die wetenschap aan de weet kunnen komen. Amen
- God is bestaand, intelligent en gelukzalig. Hij is vormeloos, almachtig, rechtvaardig, genadevol, ongeboren, oneindig, onfeilbaar, zonder begin, onvergelijkelijk, de steun en Heer van iedereen, alomtegenwoordig, zonder angst, onvergankelijk, onsterfelijk, eeuwig, heilig en de Schepper van het universum. Alleen Hem komt verering toe. Amen.
- De door Dayananda geselecteerde portie van de Veda's zijn geschriften met ware kennis. Het is de plicht van alle Aryas ze te lezen, ze voor te laten lezen en aan anderen voor te dragen. Amen
- Iedereen moet bereid zijn de waarheid te aanvaarden en onwaarheid op te geven. Amen
- Alle handelingen moeten worden uitgevoerd in overeenstemming met Dharma, dat wil zeggen na overweging van goed en kwaad. Amen
- Het hoofddoel van de Arya Samaj is het goede te doen voor iedereen, oftewel het bevorderen van het fysieke, sociale en spirituele welzijn. Amen
- Alle mensen moeten worden tegemoet getreden met liefde, redelijkheid en met waardering voor hun verdienste. Amen
- Men moet streven naar het verhelpen van onwetendheid en het bevorderen van kennis. Amen
- Men moet niet alleen tevreden zijn met het eigen welzijn, maar ook het welzijn van anderen nastreven. Amen
- Men moet zichzelf onder de beperking van het volgen van een maatschappelijk altruïstische zienswijze beschouwen, terwijl iedereen vrij is de regels van het individuele welzijn na te volgen. Amen
Om dit doel te bereiken stichtte de Arya Samaj scholen en startte ze missionaire organisaties, waarbij ze haar activiteiten tot buiten India uitbreidde. Er zijn wereldwijd afdelingen van de Arya Samaj. Het internationale hoofdkwartier van de Arya Samaj, de Sarvadeshik Arya Pratinidhi Sabha,[1] was aanvankelijk gevestigd in Lahore. Na Partition (de splitsing van India en Palistan) van 1947 is het verhuisd naar New Delhi. Verhoudingsgewijs is de organisatie het grootst onder de hindoestanen in Guyana, Suriname en Nederland.
Van groot belang is dat Swami Dayananda van mening was dat ook de meisjes en vrouwen onderricht moesten hebben. Daarom stichtte de Arya Samaj veel meisjesscholen. Op die manier leverde de beweging een belangrijke bijdrage aan de emancipatie van de vrouw.
Bij de Arya Samaj mag in principe iedereen pandit (priester) worden, ook zij die niet van Brahmaanse afkomst zijn en sinds 1948 ook vrouwen.
Suriname en Nederland
De Vedische missionaris Bhai Parmanand bracht in 1911 de Arya Samaj vanuit India naar Brits-Guyana. Vandaar uit verspreidde het gedachtengoed van deze beweging zich naar Trinidad en Suriname. In de jaren twintig van de 20ste eeuw werden in Suriname de eerste verenigingen van de Arya Samaj opgericht en in 1929 kwam het zelfs tot een een overkoepelende organisatie, Arya Dewaker geheten.
Hoewel er in de jaren dertig van de 20ste eeuw ernstige conflicten waren in de Surinaamse Arya Samaj, waardoor in 1935 de Arya Pratinidhi Sabha Suriname werd opgericht, kreeg de stroming onder de hindoestanen in de Caraïben een grote aanhang, zeker in vergelijking met India. Zowel in Brits-Guyana als in Suriname sloot bijna 20 procent van de hindoes zich bij deze beweging aan. Ook in Trinidad was de aanhang groot, maar is deze door interne conflicten binnen de Arya Samaj in later tijd sterk verminderd. Ofschoon er nog andere overkoepelende organisaties zijn binnen de Surinaamse Arya Samaj, is Arya Dewaker op dit moment de belangrijkste.
In de jaren voor en na 1975 kwam een grote groep hindoestanen naar Nederland. Deze hindoestanen zijn verdeeld tussen de Arya Samaj en de Sanatan Dharm. 19 procent van de hindoes in Nederland behoren tot de Arya Samaj. In 1987 werd ook in Nederland een overkoepelende organisatie opgericht, de Federatie Arya Samaj Nederland (FAS-NED).
Bronnen
- Freek L. Bakker, Hindoes in een creoolse wereld, Zoetermeer: Meinema 1999.
- Richard Huntington Forbes, Arya Samaj in Trinidad: An Historical Study of Hindu Organizational Process in Acculturative Conditions, Ann Arbor: University Microfilms International 1985.
- J.T.F. Jordens, Dayananda Saraswati, Delhi: Oxford University Press 1978.
- Lala Lajpat Raj, A History of the Arya Samaj, Mumbai (Bombay): Orient Longmans 1967.
Zie ook
Externe links
- http://www.fas-ned.nl (Stichting Federatie Arya Samaj Nederland)
- http://www.aryasamaj.com/ (Engelstalige hoofdsite)
- http://www.aryasamaj.org/ (Engelstalig)
- http://www.sarvadeshik.com/ (Internationaal hoofdkwartier)
Categorieën
Hindoeïsme | Hindoeïstische stroming
