Klimmateriaal
Klimmateriaal is een verzamelnaam voor materiaal wat boulderaars, klimmers en alpinisten gebruiken om zich te zekeren of om hun doel te bereiken.
Vandaag zijn er honderden verschillende klimhulpstukken, deze lijst heeft dan ook niet de intentie om alle gebruikte klimmaterialen weer te geven, alleen de bijzonderste zijn vermeld.
Inhoud |
Classificatie/Gebruik
-
- Gebruik bij boulderen -
- Gebruik bij indoorklimmen -
- Gebruik bij outdoorklimmen -
- Gebruik in het hooggebergte, in sneeuw en ijs.
Abseil acht
| |
| |
| |
| |
Een Abseil acht, ook gewoon een acht genoemd is in wezen een afdaalapparaat maar ook veelgebruikt als zekeringsapparaat, dankt zijn naam aan zijn achtvorm. De werking geschiedt door het bij wrijving afremmen van het touw, de impact is duidelijk zichtbaar op de foto, een deel van het metaal is bij enkele jaren gebruik door het touw weggeslepen.
Bandslinge
| |
| |
| |
Een bandslinge is een lus gemaakt uit reepsnoer van doorgaans 1 cm breed. Binnen het klimmen worden zij wellicht het meest veelzijdig gebruikt; als verlenging van een punt; bij het maken van tussenzekeringen of bij het vormen van een standplaats of 'relais' waarbij een krachtendriekhoek gevormd wordt.
De pioniers maakten gebruik van geknoopte bandslinges waarbij zij deze per meter kochten en vervolgens zelf tot een lus knoopten met behulp van een bandknoop. Deze knoop kan echter loskomen. Sinds enkele jaren worden er bandslinges verkocht die door de fabrikant al in lussen zijn gestikt. Binnen het sportklimmen is de geknoopte bandsling sindsdien niet meer officiëel erkent als zijnde betrouwbaar. In het hooggebergte wordt zij echter nog frequent gebruikt omwille van enkele praktische toepassingen.
Bandslinges worden verkocht in alle soorten en maten. Een overzicht:
- Stof: Bandslinges werden oorspronkelijk uit nylon gemaakt. Tegenwoordig echter worden steeds meer bandslinges vervaardigt uit het sterkere Dyneema. Veel klimmers verkiezen toch de nylon versie omdat deze, doordat ze (noodzakelijk) breder is, betrouwbaarder lijkt.
- Grootte: De grootte van een bandsling wordt uitgedrukt in centimeters door de halve omtrek te nemen. Dit is nuttig omdat bandslinges vaak tussen punten wordt opgespannen en aldus dichtklappen waardoor de effectieve lengte uitgedrukt wordt door de halve omtrek.
- Kleur en sterkte: Vroeger werden bandslinges voorzien van drie lijnen langs over het reepsnoer. Iedere lijn stelde een waarde van 10 kN (ong. 1.000 kilo) voor. De knoop zorgde vervolgens voor een verzwakking van ongeveer 5 kN zodat er ruwweg 25 kN effectieve weerstand overbleef. Momenteel dragen bandslinges een verplicht CE keurmerk dat een sterkte van 22kN waarborgt. De kleuren van bandslinges variëren sindsdien om herkenning van bepaalde maten te vergemakkelijken. Toch blijven de drie lijnen nog vaak gebruikt als patroon.
Crash pad
Een crash pad is een kleine, draagbare valmat uit hoogwaardig piepschuim dat wordt gebruikt tijdens het boulderen. Crash pads zijn meestal zo ontworpen dat ze op de rug te dragen zijn, iets wat gezien hun omvang (gem. oppervlakte 1.5 m³) niet onhandig is. Het gebruik van een crash pad maakt een spotter (iemand die de val breekt) niet onnodig, het is immers niet evident dat de klimmer op de mat valt en niet ernaast.
Klemveerapparaten
| |
| |
| |
Een klemveerapparaat is een toestel bestaande uit doorgaans vier kammen bevestigd op een as aan een staalkabel. Ze worden gebruikt als tussenzekering op onbehaakte routes. Met behulp van een veer kunnen de kammen worden samengetrokken waarna het toestel in een barst of speelt kan worden bevestigd. Door de veer los te laten openen de kammen zich en houden het toestel losjes vast. Bij een neerwaartse kracht zullen de kammen zich verder proberen te openen en zich zo vastzetten op de rots. Belangrijk hierbij is echter de hoek van de kammen. De klimmer is dus gedwongen om een heel assortiment aan klemveerapparaten (in verschillende maten) mee te nemen; hij weet immers vooraf niet welke grootte van barsten of spleten hij zal tegenkomen.
klemveerapparaten zijn zeer geliefd bij klimmers daar zij zowel makkelijk te plaatsen als te verwjderen zijn terwijl ze toch een grote zekerheid garanderen. Nadeel is dan weer de kostprijs die doorgaans niet onder de € 40 per stuk gaat.
Binnen de groep van de klemveerapparaten maken we volgende onderverdeling:
- Friends: Dit zijn de oorspronkelijke klemveerapparaten. De oude metalen staaf werd vervangen door een meer flexiebele staalkabel om het soms gecreërde hefboomeffect na plaatsing in een horizontale barst te vermijden.
- Camelots: Deze klemveerapparaten zijn gepattenteerd door Black Diamont. Ze bestaan uit twee assen die de kammen een grotere reikwijdte geven en ook de sterkte van het toestel aanzienlijk doet toenemen. Ze worden beschouwd als het meest betrouwbaar en zijn dan ook erg geliefd. Hun kostprijs echter is echter hoog: min. € 65 per stuk.
- Overigen: Er bestaat nog een heel scala aan klemveerapparaten die een zeer kleine minderheid vormen. Opsomming zou ons echter te ver leiden en we verwijzen dan ook naar gespecialliseerde outdoor zaken.
Grigri
| |
| |
| |
| |
Een Grigri is een zekeringsapparaat met een automatisch blokkeersysteem, bijzonder geschikt voor indoorklimmen.
Haak
| |
| |
| |
| |
Een metalen pin met een oog wat in een rotsspleet geslagen kan worden om vervolgens als ankerpunt te dienen. Vandaag worden klimroutes uitgerust met vaste haken die bestaan uit plaquettes of boorhaken.
Helm
| |
| |
| |
| |
Een klimhelm is een onmisbare hoofdbescherming bij zowel het rots- als het ijsklimmen. Jammer vast te stellen dat vele klimmers dat overbodig vinden. Het risico van kleine steenval, materiaalverlies van bovenklimmende klimmers en stoten van het hoofd bij een val of beweging van het hoofd is een veel voorkomende gebeurtenis.
IJsbijl
| |
| |
| |
| |
Een IJsbijl kan je beschrijven als een soort sterk uitgewerkte pikkel, een ijsbijl is korter dan de gewone pikkel en dient om zich voort te bewegen, oorspronkelijk gemaakt voor ijs maar tegenwoordig ook gebruikt voor drytooling. Een IJsbijl is voorzien van een stevige polslus. De tand is vervaardigd uit hoogwaardig staal en dient onder meer om zich in het ijs vast te kloppen. Het kan verder gebruikt worden om zich te verklemmen in spleten.
IJsboren
| |
| |
| |
Een IJsboor of een ijsvijs is zoals het woord het aangeeft een holle pijp in hoogwaardig staal die in het ijs wordt geschroefd en aldus gebruikt wordt als ankerpunt. Het inschroeven gebeurt met de doorn van de pikkel of soms zijn de ijsvijzen uitgerust met een hendel.
Klimgordel
| |
| |
| |
| |
Een klimgordel of kortweg gordel wordt gebruikt bij het klimmen en abseilen om een stabiel bevestigingspunt te creëren aan het menselijk lichaam.
Een heupgordel bestaat uit twee beenlussen en een heupband. Deze drie lussen zijn met elkaar verbonden via een lus. De belasting van de gordel moet steeds op de totale gordel geschieden via de verbindingslus of via de voorziene mogelijkheden op de heup- en beenbanden. Een integraalgordel bestaat uit een heupgordel met twee extra banden die over de schouders lopen. Vooral alpinisten en kleine kinderen hebben baat bij dit type gordel omdat de banden onder alle omstandigheden voorkomen dat de persoon uit de gordel valt.
Klimgordels hebben over het algemeen ook één of meerdere materiaallussen. Omdat ze een stuk zwakker zijn, mogen ze nooit belast worden. Klimmers gebruiken ze om hun klimmateriaal aan vast te maken.
Klimschoen
| |
| |
| |
| |
Een klimschoen is sterk verschillend van een bergschoen, bergschoenen zijn stevige al dan niet stijgijzervaste waterdichte hoge schoenen, de klimschoen is een nauw omsluitende meestal lage schoen met dunne zool bezet met gevulkaniseerd rubber speciaal ontworpen voor het klimmen. Met klimschoenen zijn klimmers in staat op kleine treetjes te gaan staan of puur op de wrijving van de schoen omhoog te klimmen.
Magnesium, kalk, pof, resin, hars,
| |
| |
| |
| |
Magnesium Of eigenlijk magnesiumcarbonaat. Deze poederstof absorbeert het zweet en levert zo extra grip op de muur. Te vaak echter overdrijven klimmers het gebruik ervan en wordt het meer een psychologische steun. In de bouldergebieden rond Fontainebleau is het gebruik van magnesium verboden omdat het de zuiging van de zandsteen en daarmee de grip op de rotsen vernietigt. Hier wordt dan gebruikgemaakt van gedroogde en gemalen hars. Deze hars, ook Colofonium of Colophane genoemd is een gekristaliseerde fijne vorm van de Californische pijnboom.
Het gebruik is omstreeks 1950 in de klimwereld geïntroduceerd in Amerika door John Gill die het plaatselijk gebruik van hars en het gebruik van magnesiumcarbonaat bij turners had waargenomen.
Pofzak
| |
| |
| |
| |
Een zakje waarin magnesium zit. Dit wordt meestal aan de achterkant van de gordel bevestigd omdat het daar niet in de weg zit en het beste bereikbaar blijft voor de klimmer.
Musketon of Carabiner
| |
| |
| |
| |
Een musketon, ook wel carabiner genoemd, is een haak van metaal, over het algemeen in zicral, met een draai- of springsluiting. Dit is een van de belangrijkste en het meest universele hulpstukken bij het klimmen. Uit veiligheidsoogpunt zijn musketons die gebruikt worden als 'single point of failure' vaak voorzien van een borgmechanisme om onbedoeld openen tegen te gaan.
Opm. De historisch correcte naam is karabijnhaak, de musketonhaak heeft een schuivende sluiting met een veer
Nut
| |
| |
| |
| |
Een Nut (Engels voor moer, naar de zeskantige vorm van sommige uitvoeringen) kan bestaan uit een blokje metaal met een licht onregelmatige vorm waaraan een staaldraad is bevestigd. Deze kunnen in kleine rotsspeten geplaatst en klem getrokken worden om vervolgens als ankerpunt te dienen. Nuts bestaan in alle soorten afmetingen en vormen, van micronuts (kleiner dan je pink) tot nuts ter grote van een vuist.
Pikkel
| |
| |
| |
| |
Een Pikkel (Pickel) kan je beschrijven als een soort houweel waar men veel meer kan mee doen dan houwen. De toepassingen in het hooggebergte zijn:
- - Het gebruik als zekeringshulpstuk door het te gebruiken als verankeringspunt.
- - Het testen van de sneeuwlaag en zoeken naar spleten.
- - Steunpunt en evenwichtshulp op steil terrein.
- - Remhulp bij het vallen op sneeuwhellingen.
- - Hakken van treden.
Setje
| |
| |
| |
| |
Een setje bestaat uit twee musketons die met een "Sling" aan elkaar zitten. Het setje zorgt voor de verbinding van het ankerpunt op de rotsmuur met het touw. Meestal heeft een musketon een rechte snapper en de andere een banaansnapper. Een klimmer bevestigt de kant met de rechte snapper aan het ankerpunt en leidt het touw door de kant met de banaansnapper.
Stijgijzers
| |
| |
| |
Een Stijgijzer ook Crampons genoemd kan je beschrijven als een soort overschoen die voorzien is van pinnen. Er zijn verschillende soorten. Er bestaan uitvoeringen die enkel gebruikt worden bij licht hellende verijsde sneeuwvelden, hier bestaan gewone uitvoeringen met riemen en de betere met snelsluitingen. Voor meer verticale wanden zoals bij het ijsklimmen bestaan er bijzonder uitvoeringen. Men kan crampons enkel gebruiken bij de zwaardere uitvoeringen van bergschoenen.
Touw
| |
| |
| |
| |
KlimTouw is een onontbeerlijk hulpmiddel om de klimmer met de zekeraar te verbinden of als hulpmiddel bij het klimmen, op de foto is een 11 mm Klimtouw in vergelijk geplaast met een 6 en 5 mm Prusiktouw naast één Eurocent. Prusiktouw is een hulptouw dat zijn naam te danken heeft aan Karl Prusik die de prusikknoop introduceerde.
Er wordt een onderscheid gemaakt tussen een dynamisch touw met een statische rek van 6 tot 10%, deze touwen kunnen een val door hun rek opvangen. Enkel deze touwen worden als klimtouw beschouwd, in deze groep heeft men eveneens 2 hoofdgroepen: enkel- en dubbeltouw. Het enkeltouw heeft een diameter van 9,8 tot 11 mm, het dubbeltouw van 8 tot 9 mm en wordt dan ook zoals de naam aangeeft dubbel gebruikt.
Statisch touw wordt gebruikt waarbij geen val kan optreden.
Zekeringsapparaat
| |
| |
| |
| |
Een apparaat wat het touw geleid en met een carabiner aan de klimgordel of aan een vast ankerpunt wordt vastgemaakt. Het is ontworpen om het merendeel van de kracht die door een val op het klimtouw komt te staan over te dragen op de gordel zodat de overgebleven kracht in het touw nog opgevangen kan worden door de zekeraar die het touw aan de andere kant van het zekeringsapparaat vast heeft. Er bestaan vandaag een tiental soorten zekeringsapparaten, waarvan het emmertje en de reverso bij de meest gekende behoren.
De boulderaar volstaat met klimschoentjes, een grote pofzak met magnesium of hars en bij het buitenboulderen een vod of een matje om zijn schoentjes van het zand te ontdoen. Het klimmateriaal van een sportklimmer in een klimhal bestaat naast klimschoentjes meestal uit een pofzakje met magnesium, een zekeringsapparaat en een schroefcarabiner. Een sportklimmer buiten neemt daarnaast ook nog een tiental setjes, een aantal musketons, slingerbanden en pruziktouwtjes mee. Een traditionele klimmer heeft naast al het voorgaande ook o.a. nuts, klemveerapparaten, rotshaken, rotshamers en nutssleutels bij zich.
Categorie
Klimsport
